NASCHOLING IN DE KIJKER: POST-TRAUMATISCHE SOMATO-EMOTIONELE BEVRIJDING
Shiatsu en posttraumatische somato-emotionele bevrijding: een kruisbestuiving tussen oosterse traditie, fasciastudie en cranio-sacraal therapie.
Véronique Cloquet1
Al meer dan twintig jaar houdt een vraag mij bezig in mijn therapeutische praktijk. In de loop der jaren heb ik, net als veel andere shiatsu-beoefenaars, geconstateerd dat aanraking bij iemand in een posttraumatische situatie niet alleen invloed heeft op de fysieke toestand, maar ook effecten kan hebben op de emotionele of psychische toestand. Hoe kunnen we deze effecten verklaren, die veel verder gaan dan louter spierontspanning?
Deze vraag ontstond na mijn opleiding tot kinesitherapeut en heeft een groot deel van mijn professionele loopbaan bepaald. Ze heeft me ertoe gebracht om shiatsu, myofasciale benaderingen, cranio-sacrale therapie en, meer recentelijk, de polyvagaal-theorie en de nieuwste ontwikkelingen in het hedendaagse onderzoek naar anatomie en fysiologie te bestuderen.
Het is fascinerend om te zien dat bepaalde sessies effecten teweegbrengen zoals het afnemen van oude pijn, het spontaan naar boven komen van emoties, een diepere ademhaling, een toenemend gevoel van veiligheid of zelfs een algemeen gevoel van innerlijke herschikking. In het Westen noemen we deze herschikking ‘somatisch-emotionele bevrijding’.
In het licht van de oosterse traditie en het hedendaagse westerse onderzoek roepen deze waarnemingen een fundamentele vraag op: welke fysiologische mechanismen zouden deze verschijnselen kunnen helpen verklaren?
In dit artikel zullen we zien dat de huidige kennis over het autonome zenuwstelsel, de fascia’s, de anatomische fysiologie, stressregulatie en de subtiele cranio-sacrale bewegingen het tegenwoordig mogelijk maakt om deze kwestie vanuit een nieuw perspectief te benaderen.
Het doel hier is niet om de traditionele concepten van shiatsu wetenschappelijk te bewijzen, maar om de mogelijke raakvlakken te onderzoeken tussen de oosterse modellen van lichaam-energie-geest en de bevindingen uit hedendaags westers onderzoek.
De Bodymind benadering: een visie in ontwikkeling
In de westerse geneeskunde worden lichaam en geest als twee afzonderlijke domeinen bestudeerd. Aandoeningen waarbij zowel fysieke als psychologische aspecten een rol spelen – chronische stress, burn-out, aanhoudende pijn, functionele stoornissen, trauma’s, enz. – vereisen doorgaans een multidisciplinaire aanpak waarbij verschillende zorgverleners betrokken zijn.
Oosterse medische tradities gaan er daarentegen al duizenden jaren van uit dat fysieke, emotionele en mentale verschijnselen verschillende uitingen zijn van één en hetzelfde levende systeem. Deze benadering, vaak aangeduid met de term ‘Lichaam-Geest’ (Bodymind), maakt geen onderscheid tussen de biologische, emotionele en energetische dimensies van de menselijke ervaring.
In de shiatsu wordt deze functionele eenheid van Bodymind waargenomen via de circulatie van Ki: de levensenergie die de dynamiek van evenwicht en onevenwicht binnen het organisme beschrijft.
Dankzij nieuw onderzoek ontdekken we vandaag de dag een extra dimensie aan deze verklaringen, die de meer analytische benadering van de westerse wereld en de meer holistische benadering van de oosterse wereld samenbrengt. Verschillende recente ontdekkingen nodigen ons uit om de verbanden tussen lichaam en geest opnieuw te bekijken.
De aanraking van de shiatsu-behandelaar: een subtiele vorm van communicatie
Een van de belangrijkste doorbraken van de afgelopen jaren is de polyvagaal-theorie, ontwikkeld door Stephen Porges.
Volgens deze theorie beoordeelt ons zenuwstelsel voortdurend de omgeving om te bepalen of deze veilig of bedreigend is. Deze automatische en onbewuste beoordeling, die hij ‘neuroceptie’ noemt, beïnvloedt rechtstreeks onze fysiologische toestand.
Uit het onderzoek van Porges blijkt dat het lichaam, wanneer het op hersen- en lichaamsniveau veiligheid waarneemt, prioriteit geeft aan de immuun-functies en aan herstel-, reparatie- en reguleringsfuncties. Omgekeerd, wanneer er gevaar wordt gedetecteerd, mobiliseren de overlevingsmechanismen de reacties van vluchten, vechten of verstijving.
Deze effecten, die voortvloeien uit de ‘co-regulatie’ in een lichaam dat zich veilig voelt, werpen een interessant licht op een realiteit die bij behandelaars welbekend is. Ze benadrukken de kwaliteit van de relatie die de behandelaar met zijn cliënt opbouwt en de essentiële rol die deze speelt in het vermogen van de cliënt om zich in een toestand van psychische en fysiologische veiligheid te bevinden.
Shiatsu-beoefenaars ervaren dit regelmatig: de aanwezigheid van de behandelaar in zijn hara is essentieel. Op die manier kan hij verbinding maken met zijn authentieke zelf en zijn innerlijke rust. Hoe vrediger deze toestand is, verankerd in een diep gevoel van innerlijke veiligheid, hoe gunstiger de kwaliteit van zijn aanwezigheid, luistervaardigheid en aandacht zal zijn in de zorgrelatie met zijn ontvanger.
Voor de ontvanger geldt hetzelfde: wanneer hij zich welkom, gerespecteerd en op zijn gemak voelt, kunnen zijn centrale en autonome enterische (emotionele) zenuwstelsels geleidelijk aan de toestand van overmatige waakzaamheid of bescherming loslaten. Zodra dit gevoel van veiligheid is geactiveerd, zal hij meer bewegingsvrijheid en zelfregulerend vermogen terugvinden.
Vanuit dit perspectief vormt aanraking een subtiele vorm van communicatie tussen twee systemen, een ware verbinding tussen de hara van de behandelaar en die van de ontvanger. De aanwezigheid van de behandelaar in zijn hara krijgt dan zijn volle betekenis. Deze visie sluit nauw aan bij de geest van de traditionele shiatsu, waarin intentie, luisteren en de kwaliteit van het contact een integraal onderdeel van de behandeling vormen.
De fascia: een sensorisch netwerk dat het hele lichaam omvat
De studie van de fascia is tegenwoordig een van de meest dynamische gebieden binnen het anatomisch en fysiologisch onderzoek.
We weten nu dat de fascia een web vormen dat elke spier, elk bot, elk gewricht, elke zenuw, elk bloedvat en elk orgaan van het lichaam omhult en met elkaar verbindt. Ze vormen een enorm beschermend netwerk dat bestaat uit collageenvezels: dit uiterst sterke en flexibele eiwit dat het lichaam zijn structuur, soepelheid en vormgeheugen geeft.
Of de fascia nu diep, oppervlakkig, dik of ultradun is, het vormt een web dat zo nauw met elkaar verbonden is dat verschillende auteurs, zoals Jean-Claude Gimberteau en Carla Stecco, er zonder aarzelen over spreken als een orgaan op zich: „een orgaan dat geen vorm heeft, maar dat in het hele lichaam aanwezig is”.
Uit het onderzoek van Stecco en andere wetenschappers is gebleken dat de fascia’s rijkelijk geïnnerveerd zijn en talrijke sensorische receptoren bezitten die betrokken zijn bij verschillende processen in het lichaam:
- de ‘bewegingswaarneming’, die ons informeert over de bewegingen van het lichaam;
- de ‘proprioceptie’, waardoor we onze houding en de positie van onze ledematen kunnen waarnemen;
- de ‘nociceptoren’, die prikkels detecteren en bijdragen aan de pijnperceptie;
- de ‘interoceptie’, die ons informeert over de interne toestand van het lichaam en een essentiële rol speelt bij emotionele regulatie, lichaamsbewustzijn en aanpassing aan stress.
Het fasciale weefsel kan dus niet langer als een passief weefsel worden beschouwd. Het speelt een belangrijke rol bij de lichaamsperceptie en de organisatie van beweging.
Trauma, chronische stress en spanningsgeheugen in het fasciale netwerk
Trauma kan worden gedefinieerd als de blijvende impact van een gebeurtenis die het lichaam niet op bevredigende wijze heeft kunnen verwerken of reguleren.
Het is belangrijk te begrijpen dat de fascia na een trauma plaatselijk haar beweeglijkheid verliest en dat dit invloed heeft op de beweeglijkheid van andere fascia’s waarmee zij in verbinding staat. Wanneer de her-modellering van de fascia’s chronisch wordt, kan dit gepaard gaan met een verhoogde reorganisatie van het collageen, een verminderde glijbeweging tussen de lagen en een toename van de stijfheid in een myofasciale keten.
(illustraties uit de oorspronkelijk Franstalige versie van dit artikel)
In dit verband beschrijft Paolo Tozzi het concept van het “spanningsgeheugen”, volgens welke de spanningslijnen die op de weefsels worden uitgeoefend een blijvende invloed hebben op de organisatie van het collageen en de fasciale structuren. Aangezien het fasciale netwerk volledig onderling verbonden is, kan dit reacties verklaren die na een trauma optreden in gebieden aan de andere kant van het lichaam.
Onderzoek naar chronische stress door Bruce McEwen toont aan dat dit leidt tot blijvende veranderingen in het zenuwstelsel, het endocriene stelsel en het immuunsysteem. Parallel aan dit onderzoek hebben andere auteurs, zoals Clifford Woolf en Katherine Picard, aangetoond dat de fascia's lange tijd sporen van herhaalde mechanische belasting kunnen behouden.
Al deze verklaringen vormen een interessant conceptueel kader om bepaalde waarnemingen bij shiatsu te begrijpen. Veel beoefenaars constateren namelijk dat bepaalde zones van het lichaam lange tijd spanningspatronen lijken vast te houden die verband houden met oude blessures, herhaalde stress of trauma’s. Ze merken ook op dat hun subtiele aanraking invloed heeft op lichaamsdelen die ver verwijderd zijn van de zones waaraan ze op dat moment werken.
Op basis van deze nieuwe onderzoeksgegevens wordt het mogelijk om een hedendaagse interpretatie te geven van bepaalde effecten die bij shiatsu worden waargenomen. Vandaag de dag kunnen we stellen dat de aanraking van de behandelaar tegelijkertijd op verschillende niveaus inwerkt:
- het ‘gevoel van veiligheid’, waardoor het lichaam uit beschermingsreacties kan komen
- het ‘evenwicht van het autonome zenuwstelsel’, wat rust en zelfregulering bevordert;
- het ‘lichaamsbewustzijn’, dat de persoon helpt zijn lichaam beter te voelen;
- de ‘soepelheid en beweeglijkheid van de weefsels’, essentieel voor hun goede werking;
- het ‘luisteren naar de interne sensaties van het lichaam’ (interoceptie), dat bijdraagt aan het evenwicht tussen lichaam en geest.
Deze verschillende mechanismen zouden kunnen verklaren waarom sommige mensen tijdens een sessie een afname van fysieke spanningen ervaren, die gepaard gaat met een emotionele ontlading of een verandering in hun innerlijke toestand. Het gaat hier niet noodzakelijkerwijs om een directe inwerking op de emoties zelf, maar veeleer om het herstel van de fysiologische omstandigheden die gunstig zijn voor de zelfregulering van het organisme.
Trauma’s en ‘energetische cysten’
Een energetische cyste (of emotionele cyste) is een concept dat door dr. John Upledger is ontwikkeld binnen de cranio-sacrale osteopathie. Deze term verwijst naar een opeenhoping van traumatische energie of onderdrukte emoties die het lichaam opslaat in weefsels zoals de fascia’s, als gevolg van een fysieke of psychologische schok.
Zoals hierboven uitgelegd, worden bij een trauma de energie van de impact en de daarmee gepaard gaande emotie soms niet afgevoerd. De fascia in de ‘ingekiste’ zones verliezen hun beweeglijkheid, wat kan leiden tot chronische spanningen, pijn of een afname van energie.
Deze weefsels, die ‘energetische cysten’ worden genoemd, vertonen de volgende kenmerken:
- Ze blijven ‘langdurig aangespannen’ of minder beweeglijk, waardoor ze de lichaamsfysiologie kunnen beïnvloeden;
- Ze creëren ‘lichamelijke gewoontes’ die zijn ontstaan om pijn te vermijden;
- Ze brengen het zenuwstelsel in een permanente staat van paraatheid, wat kan leiden tot overdreven reacties op bepaalde prikkels, waardoor onze stressbestendigheid wordt beïnvloed en er ‘soms ongepaste emotionele reacties’ kunnen optreden na een trauma;
- Ze veroorzaken de gevolgen van langdurige stress op ‘het evenwicht tussen lichaam en geest’.
De cranio-sacrale beweging: een hulpmiddel om te luisteren en los te laten
Volgens John Upledger, de grondlegger van de craniale osteopathie, beïnvloedt de aanwezigheid van energetische cysten de cranio-sacrale beweging.
Deze beweging, die voortkomt uit het centrale zenuwstelsel, verspreidt zich eerst tussen de schedel en het heiligbeen (vandaar de naam) en verspreidt zich vervolgens via het fasciale netwerk naar alle weefsels van het lichaam. Deze beweging verspreidt zich in een bepaald ritme dat verschilt van elk ander ritme in het lichaam (hartslag, ademhaling…). Volgens Upledger is het, om een homeostatisch evenwicht te waarborgen, essentieel dat de cranio-sacrale beweging zich onbelemmerd door energetische cysten kan voortplanten.
Door het ontwikkelen van weefselbewustzijn via het cranio-sacrale ritme, dat via het fasciale netwerk wordt overgebracht, stelt Upledger behandelaars in staat om subtiele ritmes en ingekapselde weefsels waar te nemen die de algehele toestand van de lichaamsorganisatie weerspiegelen.
Het is fascinerend om te zien hoezeer deze beschrijving overeenkomt met wat concreet de vrije doorstroming van Ki en de harmonieuze circulatie daarvan zou kunnen beïnvloeden. Vandaar de stap die elke behandelaar kan zetten om aan zijn kennis de beoefening toe te voegen van een subtiele energetische aanraking die de bevrijding van de fascia en hun beweeglijkheid bevordert.
Voor de shiatsu-beoefenaar is het luisteren naar het lichaam via de fascia's in de eerste plaats een middel om zijn aanwezigheid, zijn observatievermogen en zijn begrip te ontwikkelen van wat er na een trauma kan worden losgemaakt. Maar de uitnodiging hier is ook om tijdens het beoefenen van shiatsu bewust verbinding te maken met dit weefsel en het te bevrijden van gebieden die hun beweeglijkheid hebben verloren door middel van een subtiele, harmoniserende aanraking.
De observaties die worden verkregen door te luisteren naar de cranio-sacrale beweging, in combinatie met de oosterse diagnostische benadering, openen nieuwe perspectieven voor de therapeut om het natuurlijke zelfreguleringsproces van de eenheid ‘Bodymind’ te ondersteunen.
Conclusie
De resultaten van het hedendaagse onderzoek naar fascia’s, interoceptie, trauma’s, anatomische fysiologie, stressmechanismen en cranio-sacrale bewegingsvrijheid bieden tegenwoordig een bijzonder rijk denkkader voor shiatsu-beoefenaars.
Dit onderzoek maakt het mogelijk beter te begrijpen hoe een doordachte, subtiele aanraking, uitgevoerd in een context van relationele veiligheid, kan bijdragen aan het herstel van het zelfregulerend vermogen van het lichaam.
Op het snijvlak van de oosterse traditie en hedendaags westers onderzoek blijkt de shiatsu-beoefenaar door middel van zijn aanraking in staat te zijn om somato-emotionele bevrijding te bevorderen en de natuurlijke processen van aanpassing, regulering en evenwicht van het lichaam-geest-geheel te begeleiden.
Als dit onderwerp u interesseert, aarzel dan niet om deze opleiding te volgen, georganiseerd door Idõ School2
Als u meer wilt weten over het onderwerp dat in dit artikel aan bod komt, raadpleeg dan gerust de bibliografie3 in de voetnoten.
Praktische info :
- De nascholing shiatsu en cranio-sacrale therapie gaat door op 9, 10 en 11 oktober 2026. Ze vindt plaats in Sint-Pieters-Woluwe. Zie ook : https://idoschool.be/formations/shiatsu/post-graduat/shiatsu-cranio-sacre/
- Om je in te schrijven : https://idoschool.be/formations/
1 Véronique Cloquet is shiatsu-beoefenaar sinds 2007. Ze heeft haar praktijk in Sint-Lambrechts-Woluwe.
Ze maakt deel uit van het docententeam van de Idō-School, erkend door de BSF.
Ze geeft al 10 jaar les in shiatsu en anatomie. Ze streeft er met veel passie en zonder ophouden naar om de kwaliteit van haar aanraking, haar kennis van anatomie en fysiologie en haar band met haar patiënten te verbeteren, met als doel haar cliënten te begeleiden op hun weg naar genezing.
2 Er ook een opleiding van 60 uur in de anatomie van het levende lichaam, waarin inzicht in de belangrijkste anatomisch-fysiologische systemen wordt gecombineerd met het vermogen om deze te palperen. Deze opleiding loopt van november 2026 tot april 2027.https://idoschool.be/formations/autres/anatomie/
3 Bibliografie
- Craig, A. D. (2009). How do you feel? An interoceptive moment with your neurobiological self. Princeton University Press.
- Farasyn A. MSc, DO, PhD, (1999) Nieuwe hypothese over de oorsprong van de cranio-sacrale beweging. Journal of Bodywork and Movement Therapies, oktober 1999, p. 229-237
- Guimberteau, J.-C. (2004) Strolling under the skin. Elsevier Masson.
- Gross, J. J. (2015). Emotion regulation: Current status and prospects, in ‘Psychological Inquiry’, 26(1), 1–26. https://doi.org/10.1080/1047840X.2014.940781
- Kimura, H., Kobayashi, T., & Obata, H. (2026). Conceptuele hypothese over het resetten van fasciaal geheugen: mechanisch-biologische perspectieven op fasciale stapeling als een met echografie waarneembaar structureel fenotype en de mogelijke rol van fasciale hydrorelease. International Journal of Molecular Sciences, 27(9), 3720.
- Langevin, H. M. (2006). Bindweefsel: een signaalnetwerk op het niveau van de organismen?, in ‘Médecine/Sciences’, 22(6–7), 653–655.
- Levine, P. A. (2013). De tijger ontwaken: trauma genezen via het lichaam. InterÉditions. (Oorspronkelijk werk gepubliceerd in 1997)
- McEwen, B. S. (2007). Fysiologie en neurobiologie van stress en aanpassing: de centrale rol van de hersenen, in ‘Physiological Reviews’, 87(3), 873–904. https://doi.org/10.1152/physrev.00041.2006
- Picard, K., St-Pierre, M.-K., Vecchiarelli, H. A., Bordeleau, M., & Tremblay, M.-È. (2021). Neuro-endocrine, neuro-inflammatoire en pathologische gevolgen van chronische stress: een verhaal over microgliale her-modellering. Neurochemistry International, 145, 104987. https://doi.org/10.1016/j.neuint.2021.104987
- Porges, S. W. (2011). The polyvagal theory: Neurophysiological foundations of emotions, attachment, communication, and self-regulation. W. Norton & Company.
- Porges, S. W. (2022). Onze polyvagale wereld. Quantum Way.
- Schleip, R., Jäger, H., & Klingler, W. (2012). Wat is fascia? Een overzicht van verschillende terminologieën, in ‘Journal of Bodywork and Movement Therapies’, 16(4), 496–502. https://doi.org/10.1016/j.jbmt.2012.08.001
- Stecco, C. (2015). Functionele atlas van het menselijke fasciale systeem. Elsevier.
- Stecco, C., Schleip, R., Findley, T. W., Huijing, P. A., & Langevin, H. M. (red.). (2018). The fascia: The tensional network of the human body. Elsevier.
- Tozzi, P. (2014). Selected fascial aspects of osteopathic practice, in ‘Journal of Bodywork and Movement Therapies’, 18(4), 503–519. https://doi.org/10.1016/j.jbmt.2014.08.003
- Sutherland, W. G. (2002). La Coupe Crânienne (S. Zilbermann, vert.). (Oorspronkelijk werk gepubliceerd in 1939)
- Upledger, J. E., & Vredevoogd, J. D. (1983). Cranio-sacral Therapy. Eastland Press
- Van der Kolk, B. A. (2014). The body keeps the score: Brain, mind, and body in the healing of trauma. (In het Nederlands vertaald met als titel: “Traumasporen. Het herstel van lichaam, brein en geest na overweldigende ervaringen, Uitgeverij Mens!)
- Woolf, C. J. (2011). Central sensitization: Implications for the diagnosis and treatment of pain, in ‘Pain’, 152 (Suppl. 3), S2–S15. https://doi.org/10.1016/j.pain.2010.09.030


